WO-II – HAVEN VAN ANTWERPEN

HAVENKAPITEINS IN DE HAVEN VAN ANTWERPEN 
VOOR – TIJDENS – NA 1940-1945

HAVEN VAN ANTWERPEN EN WO-II

In 2019 is het 75 jaar geleden dat de Antwerpen en haar haven werden bevrijd.

Dat de haven van Antwerpen tijdens de periode 1940-1945 vrijwel ongeschonden bleef, heeft te maken met heel wat strategische factoren.
Zowel de Duitsers als de geallieerden hadden er alle belang bij om de haven te behouden uit logistiek oogpunt.

Dat ook de weerstand hier een grote rol heeft gespeeld is belangrijk.
Maar dat quasi neutrale figuren en vriendschapsbanden mee aan de basis lagenvan een aantal ‘compromissen’ en beslissingen is eveneens een feit.

Kapt. Konrad Kurt Mahr.
Deze Duitser woonde reeds voor de oorlog in Antwerpen. 
Hij was walkapitein bij Eiffe voor HAPAG in Antwerpen en tevens inspecteur voor de Norddeutscher Lloyd. 
Het Duitse Oberkommando der Wehrmacht (opgericht in 1938) heeft hem in 1939gemobiliseerd; wellicht heeft hij toen zonder te weten wat de consequenties ervan waren, heel wat informatie doorgespeeld aan de Duitse Abwehr.
Tijdens de oorlogsjaren werd hij terug geplaatst in Antwerpen als bevelhebbervan de Kriegsmarine in de haven, en dit vooral om zijn kennis van de haven ende Nederlandse taal.
Na de oorlog is Kurt Mahr voor een derde maal teruggekeerd naar Antwerpen in de functie van vertegenwoordiger van de Holland-Amerika Lijn, een opdracht die hij tot het einde van loopbaan heeft uitgeoefend.
Hij werkte en woonde dus vele jaren in Antwerpen.

Jean B. Delande.

Hij was destijds tweede officier op het Belgische schoolschip L’Avenir en luitenant-ter-zee bij de Belgische Marine.
Tijdens de eerste wereldoorlog kreeg hij een duikbootopleiding in Cherbourg en Toulonen werd dan officier-artillerist aan boord van een Franse duikboot.
Nadien zou hij het bevel krijgen een bemanning samen te stellen voor de twee ex-Duitse duikboten die aan België werden toegewezen en die in de haven van Portsmouth lagen.
Jean Delande was een spilfiguur van de weerstand gedurende de oorlog en tijdens de bevrijding en ook zijn zoon, Paul Delande, was weerstander in de tweede oorlog.

JULES MEULEMEESTER

Kapt. Jules Meulemeester
Bij het begin van zijn maritieme loopbaan was hij een cadet en overlevende schipbreukeling op het eerste Belgische schoolschip Compte de Smet de Naeyerdat verging in 1906.
Hij werd daarna kapitein op het Belgische schoolschip L’Avenir voor tweeperiodes.
Tenslotte was hij havenkapitein in de Haven van Antwerpen tot na de tweede oorlog.

Vriendschapsbanden.
Jules Meulemeester had dus in zijn kennissenkring de Duitser Konrad Kurt Mahren de Belgische officier Jean Delande, alhoewel deze laatsten waarschijnlijk mekaar nooit hebben ontmoet.
Als havenkapitein moest Jules Meulemeester samenwerken met Konrad Kurt Mahr, die zich soms meer Antwerpenaar voelde dan Duitser.
Samen konden zij voorkomen dat vele binnen- en vissersschepen werden opgeëist door de Duitsers en dat heel wat opgeslagen goederen in de haven terug werden vrijgegeven.
Ook konden ze bewerkstelligen dat heel wat politieke gevangenen, waaronder weerstanders als Paul Delande (zoon van J.B. Delande), weer in vrijheid werden gesteld.
Ze zorgden er ook voor dat het vaarverbod op de Schelde werd opgeheven waardoor de watersport weer kon beoefend worden.
Dit laatste gaf de weerstand de mogelijkheid om het reilen en zeilen vanvrachtschepen en Kriegsmarine-schepen vast te stellen.

Conclusie.
Kurt Mahr was geen nazi en Jules Meulemeester was nooit lid van enige politieke partij en beiden en hun families hadden na de oorlog nog lange tijd contacten.

Ook de familie Delande en de familie Meulemeester hebben steeds goede betrekkingen met mekaar onderhouden.
Jules Meulemeester werd door de Antwerpse jachtclubs R.Y.C.B. en S.R.N.A. uiterkenning een erelidmaatschap aangeboden.

Tekst Georges Janssens